IQ

Er zit ‘schwung’ in!

Jaap de Hoop Scheffer (49) blaakt van zelfvertrouwen. De lijsttrekker van het CDA voor de verkiezingen van volgend jaar kan ook niet anders. Als grootste oppositiepartij is hij aan de achterban verplicht om deuken te slaan in het Paarse bastion, dat de renderende economie in de rug heeft. Een gesprek over de kwaliteit van het leven, de generatie van 25 tot 45 jaar en de minpunten van Paars. ‘Ik houd niet van het CDA als tobberige partij, we zijn geen tobbers.’

door Kel Koenen

Jaap de Hoop Scheffer - coolthinking.nl

‘Ik houd niet van het CDA als tobberige partij, we zijn geen tobbers.’

‘Er zit ‘schwung’ in mijn fractievoorzitterschap en er is vertrouwen om er met de partij hard tegenaan te gaan. De gemeenteverkiezingen in maart en de kamerverkiezingen in mei komen er aan, we staan in feite aan de vooravond van één grote campagne. Er is veel te doen voor het CDA en er is ook een wereld te winnen voor het CDA.

‘We zijn een partij voor de toekomst, een partij die bij uitstek de generatie van 25 tot 40 jaar wil aanspreken, zonder mensen uit andere leeftijdscategoriën tekort te doen. Een partij die in de dynamiek van de samenleving wil staan, in een samenleving die ontzettend dynamisch is.

Er gebeuren nu een heleboel interessante en mooie dingen, maar let ook op de kwaliteit, met een hoofdletter K. Let op de kwaliteit langs verschillende lijnen. Denk maar aan het onderwijs: loop een school binnen en over het algemeen staan er veel oude computers. Denk ook aan de kwaliteit van het leven. Denk even aan de discussie over – ik vind het een vreselijk woord – versterven. De behartiging van de kwaliteit van het kwetsbare leven. Kwaliteit van het leven van patiënten die eindeloos lang op wachtlijsten staan. De kwaliteit van de samenleving is een vlag, een motto, waaronder het CDA wil opereren. Kwaliteit van het bestaan van de bijstandsmoeder met kinderen, die moeite heeft om de eindjes aan elkaar te knopen, maar ook de kwaliteit van renderende Nederlandse economie. En dan heb je het dus ook over de kwaliteit van je mainport. En dus ook over de kwaliteit van Schiphol.

‘Niet wetend dat het kabinet mijn pleit zou overnemen, heb ik onlangs gezegd: Bekijk eens de mogelijkheden om de vijfde baan van Schiphol versneld aan te leggen. Want onze infrastructuur is van levensbelang. De kwaliteit van onze samenleving heeft twee kanten: een inhoudelijke kwalitatieve discussie, kwaliteit van het leven, van zorg, van gezondheidszorg, van onderwijs en computers, kwaliteit van de infrastructuur. Maar aan de andere kant het CDA als partij die de tijdsgeest dynamisch acht, een partij die redeneert in termen van kansen.

‘Ik houd niet van het CDA als tobberige partij, we zijn geen tobbers. We hebben wel eens die indruk gewekt, maar daar neem ik afstand van. We zijn een partij die redeneert in uitdagingen en kansen, een partij van de gemeenschap. In tegenstelling tot de PvdA, die vanuit de overheid redeneert, en de VVD, die vanuit de ideologie vanuit de markt beredeneert, bekijken wij zowel overheid als markt vanuit de gemeenschap. Er is niets mis met de overheid noch de markt, maar wij kijken vanuit de gemeenschap. Vandaar onze blijvende nadruk op gemeenschappelijke verbanden en de overlegeconomie waar we altijd zeer aan gehecht hebben. De overlegeconomie is een mooi woord en ik gebruik het graag in de letterlijke betekenis van het woord. Het economisch succes komt door dat overleg: volgehouden loonmatiging met alle positieve gevolgen, lastenverlichting. Het zit in onze cultuur en is een model dat goed werkt. We krijgen zelfs Duitse prijzen voor dat model.

‘De verschillen tussen de PvdA, VVD en het CDA zijn meer dan een nuanceverschil. Kijk maar naar deze coalitie en neem als voorbeeld de omroepverenigingen. De plannen van Nuis zijn aanvaard door een meerderheid van het parlement en gaan in de richting van een sterkere overheidsbemoeienis. In dat geval zegt het CDA: overheid, blijf daar nou af!

Maar aan de andere kant bij de kwaliteit van het leven en de discussie over euthanasie, zeggen wij: Denk erom, daar behoort de overheid juist wel een hele krachtige, normerende hand te hebben. D66 en de VVD redeneren hier vanuit de ideologie dat een overheid niet moet moraliseren.

‘Het financieel-economisch beleid van Paars dat minister Zalm van Financiën voert, heeft op hoofdlijnen onze instemming. Dat is een gezond financieel en economisch beleid. Op dat gebied zit hier een coalitie, waarvan het CDA niet  keffend roept: dat is niet goed. Om ons toch te onderscheiden moeten we een verhaal hebben, dat een aantal markante verschilpunten heeft van het Paarse kabinet, maar er zijn in deze brede coalitie genoeg delen van het beleid, die wij als CDA, en daar moet je niet over miesmousen en moeilijk doen,  ondersteunen.

‘Terugkijkend naar de afgelopen drie jaar hebben we ons wel degelijk laten horen,  maar laat ik niet erom heen draaien, natuurlijk was het voor mijn partij een cultuurschok. Niet alleen de nederlaag in 1994, maar het was ook  een cultuurschok om in de oppositie terecht te komen. Dat zit niet in de genen van de christen-democratische partijen, waar het CDA uit voorkomt. Het zou overdreven en niet eerlijk zijn om te zeggen dat het geen problemen opleverde. Het was natuurlijk een enorme cultuuromslag. Daar hebben we het behoorlijk moeilijk mee gehad, dat is geheel conform de waarheid. Ik zie nu langzamerhand dat we het vertrouwen en elan terugkrijgen om op basis van  kansen en uitdagingen volgend jaar de electorale strijd met alle partijen aan te gaan.

‘Deze generatie moet het speerpunt van de campagne worden. Het is de generatie die onze samenleving nu al vormgeeft en die zich opmaakt om de  samenleving ook op langere termijn vorm te geven. Dat is ook de generatie,  als ik het goed inschat, bij wie je met het kwaliteitsverhaal kunt aankomen. Dat is een generatie die zich wel degelijk ook aangesproken voelt door wat wij de familie- en gezinspolitiek noemen. Mensen die niet alleen consument zijn en geïnteresseerd zijn in het huis en de auto die voor de deur staat, soms twee auto’s, tweeverdieners. Dat zijn ook mensen die zeggen: hoe voed ik mijn kinderen op en ben ik in staat in een samenleving met steeds meer flexibele contracten de zekerheid van vroeger te garanderen. Ben ik in staat om voor mijn kinderen zorg en arbeid te combineren? Ouders hebben daar de keuzevrijheid, je moet daar als overheid niet een bepaald model opleggen. Daarnaast kan je deze generatie ook aanspreken op de omstandigheden van mensen die niet heel goed mee kunnen in onze samenleving. ‘Vergeet niet, hoe goed het ook gaat in Nederland er zijn nog altijd negenhonderd duizend mensen inactief. Veel te veel. Arbeid is te duur, we moeten verder gaan met lastenverlichting. Mijn voorganger Heerma werd voor gek verklaard toen hij drie jaar geleden met het woord ‘gezin’ op de proppen kwam. Dat is uiteindelijk een punt geworden dat op de agenda is gekomen. Er is zelfs een gezinsnotitie uitgebracht door deze coalitie.

‘De ontkerkelijking binnen de generatie waarop wij ons richten is hoog, maar het CDA is een christelijke partij en géén kerkelijke. Woorden als naastenliefde – mooier dan solidariteit – komen uit ons erfgoed, maar die waarden kunnen iedereen aanspreken. Dat zijn waarden waarvan zonder overdrijving gezegd kan worden dat ze ingebakken zijn in onze samenleving. Ja, er is een grote mate van ontkerkelijking, al zie ik tegenwoordig signalen  dat ook binnen die generatie het waarden- en normenpatroon zich wel weer een weg vindt. Ik erken alleen dat de kerken moeite hebben om de boodschap over te brengen.

‘Als lijsttrekker zou ik geen knip voor de neus waard zijn, als wij niet zouden inzetten op kiezers die nog nooit op het CDA hebben gestemd. Daarnaast hoop ik dat er mensen bijzitten die in 1994 op een andere partij stemden en weer terug willen komen bij het CDA. We hebben veel te bieden. Ik wil uitgaan van  uitdagingen en kansen, en niet van tobberigheid en bedreigingen. Kijk, er is  veel mogelijk in deze samenleving. De samenleving waarin wij wonen biedt veel kansen en in vergelijking tot andere samenlevingen mag de onze er best wezen. Benut de kansen en somber niet. De generatie 25 – 45 jaar is een belangrijke groep zonder de anderen te vergeten. Daarnaast krijgen de ouderen  van het CDA zekerheid over hun financiële positie. Daar is geen discussie over mogelijk. Dan moeten er uiteraard wel in politieke zin maatregelen worden genomen. Dat betekent verder gaan met de terugdringing van het financieringstekort. Hoe lager de staatsschuld, hoe beter je erin slaagt om de demografische hobbel en AOW-financien te lijf te gaan.

‘Een continuering van Paars alleen maar omdat de economie het goed doet, moet ik nog zien.  Over de economie doe ik eenvoudig, dat is in het belang van dit land en in het belang van de burgers. Mits de regering Kok in staat is om er  meer mensen bij te betrekken. Een goeddraaiende economie werkt altijd in het voordeel van de zittende coalitie, hoewel dat in ons aller belang is. Daar moet het CDA gewoon haar kwaliteitsverhaal naast zetten. Ik zal de laatste zijn die zegt: Luister eens, wat is dat nu vervelend dat de economie rendeert. Nederland heeft een goed renderende economie nodig, ook voor het kwaliteitsverhaal wat ik hier houd. Maar in kritische zin zeg ik tegen deze coalitie hoe kan het zo zijn dat een flink aantal beleidsterrein nog altijd niet op orde zijn. Staatssecretaris Terpstra is er nog altijd niet in geslaagd om de thuiszorg behoorlijk op poten te zetten, zowel organisatorisch als financieel. Hoe kan het dat er nog altijd flinke wachtlijsten zijn? Dat kan niet.

‘Paars had de frisheid van wilde limoenen. ‘Had’ zeg ik met nadruk. Het was anders, paars was nieuw. Het was in de politieke cultuur van Nederland iets heel bijzonders, de PvdA en VVD samen in één coalitie. Ik constateer op een aantal terreinen dat er maatregelen worden genomen waar wij onze vraagtekens bij zetten. De nabestaanden-wet of kinderbijslag, maar ook de veiligheid en politie. Minister Dijkstal van Binnenlandse zaken doet het niet overdreven geweldig. Maar goed, Paars was fris, hoewel Kok al vrij snel heeft gezegd: het is een normaal kabinet. Dat klopt. Een kabinet met het normale geklungel en de normale problemen van bewindslieden. Een paar voorbeelden: van Randwijck tot Securitel, en van Dijkstal die niet weet hoeveel agenten er rondlopen tot en met staatssecretaris Van Dok, die in de Herald Tribune het beleid van de Amerikaanse regering de wacht aanzegt.

Een kabinet waarvan Wallage hoog van de toren blies. Die zei: Als bewindslieden niet voldoen, dan moeten ze weg. We hebben alleen Linschoten gehad die is gegaan. Daar heb ik respect voor, omdat ‘hij zelf is opgestapt. De anderen zijn allemaal blijven zitten. Als je naar het verleden kijkt, is er zelden zo’n pluche-vaste club geweest als dit kabinet.

‘Wat ons betreft speelt de politieke cultuur van dit kabinet een rol in de campagne. Een cultuur die begon met een pleidooi voor een vrij stevige vorm van dualisme. Maar ook in dat opzicht is het ook een gewoon kabinet geworden. De frisheid van de wilde limoenen ging er op een gegeven moment af, maar dat heeft zich afgespeeld onder een gunstig economisch gesternte. Ik ben de laatste om te zeggen: dat gun ik ze niet. Ik gun het met name het land en de Nederlandse samenleving.

‘We hebben kabinetten gehad die moeilijke fundamentele keuzes moesten maken, met alle gevolgen van dien. Denk maar aan de WAO die Kok bijna over de kop deed slaan in de vorige periode. Denk aan de verantwoordelijkheden die Lubbers heeft genomen, maatregelen die niet jolig werden ontvangen in de samenleving.

‘Partij-vernieuwing is voor het CDA noodzakelijk. Let wel, vernieuwing door de generaties heen met de geografische opbouw van Nederland in het achterhoofd. Maar ook wel degelijk moet er worden gekeken naar mensen die in verschillende sectoren van de samenleving actief zijn. Een journalist, een ondernemer of een boer. Als lijsttrekker is het mijn verantwoordelijkheid om de combinatie continuïteit en vernieuwing in balans te houden. Net als in  iedere andere baan heb je hier ook tijd en ruimte nodig om je weg te vinden, procedures en mensen te leren kennen. Met andere woorden, mensen die roepen ‘we doen het met allemaal nieuwe leden’, is echt onzin.

‘In mijn speech voor de partijraad heb ik gezegd, en herhaal het hier: ik wil het woord bloedgroep niet meer te horen. Er zal altijd respect zijn voor de stromingen waaruit het CDA is ontstaan, dat is volstrekt helder. Maar als bij een discussie naar voren: ‘Ik vind dit, want ik ben dát’, ben je bij mij aan het totaal verkeerde adres. Ik ben niet eens bereid om dat argument aan te horen. Het CDA is een partij met verschillende stromingen, maar de bloedgroepen-discussie zoals het was, kom nou. Dan is het einde verhaal.

‘Ik ben enorm optimistisch, reken maar! Dat moeten we ook uitstralen. Wij moeten wel eens weerstand bieden aan een zekere mate van tobberigheid, aan de sombere kant van de samenleving. Wij moeten elan en optimisme uitstralen. Kijk, een televisiekijker die ons in een zaaltje in Kloosterzande ziet en ik sta daar met lange tanden: ‘Ja, we zitten in de oppositie, enne… het gaat allemaal goed met paars en de economie.’ Als ik dat zag zou ik ook omdraaien en zeggen, deze Jan Sombermans wil ik niet. Nee, we hebben een buitengewoon vitale boodschap uit te dragen. Het is ook heel goed voor het CDA geweest om eens een keer in staat te zijn in een periode van oppositie, waarin je geen compromissen hoeft te sluiten met coalitie-partners, om een keer te leren je idealen op te schrijven. En die idealen te belijden. Een positief moment uit deze oppositieperiode is dat we hebben elkaar een keer goed in de ogen hebben gekeken. Ik heb ontzettend veel zin in de komende tijd en ten tweede veel vertrouwen in dat het gaat lukken

‘Het dualisme van de VVD, zoals dat de afgelopen jaren plaatsvond en dan met name van Bolkestein is zeker iets waar een eventueel VVD-CDA kabinet tegen zou moeten kunnen. Maar ik verlang dan wel dat wat buiten de kamer wordt geroepen, ook in de kamer wordt waargemaakt. Ik heb nog te vaak dingen gehoord, kritische noten, die binnen de Tweede Kamer een flauwe of helemaal geen echo hadden. Ik vind dat een coalitie-fractie zeker niet aan de leiband van het kabinet moet lopen.

“IQ

Dit artikel verscheen eerder in IQ 07 – november 1997