Op het spoor van whisky

Karakter, vindingrijkheid en doorzettingsvermogen. Dit zijn de belangrijkste ingredienten van de Johnnie Walker Experience 1995. Negen teams van twee personen streden in Schotland om de prestigueuze titel Keepers of the Cask. Aan de hand van opdrachten leerden de deelnemers meer over whisky, Schotland en het Schotse volk kennen.

A wee dramm, please

door Kel Koenen

Voordat in september kon worden afgereisd naar de Schotse Hooglanden hadden er een viertal voorrondes plaatsgehad. De selectie stond in het teken van hard werken en een boel lol. Deelnemers aan de voorrondes moesten binnen 24 uur een aantal pittige opdrachten vervullen, die bestonden uit zowel een fysieke- als geestelijke test. Er waren selecties voor zeven consumententeams, een slijters-, barmensen en studententeam.

De Experience is een soort ontdekkingsreis. Aan de hand van een aantal opdrachten maken de teams kennis met Schotland, Schotten en de Schotse whisky. Het team dat de meeste punten behaalt en een goede beoordeling krijgt, mag zich Keeper of the Cask noemen. Belangrijker is het vat van vijftig liter malt whisky dat bij de titel hoort. Na twaalf jaar, in 2007, krijgt het winnende team van de Experience ’95 hun vat.

In de Schotse Hooglanden waren drie locaties uitgezocht, waar de verschillende teams om de beurt naar toe zouden gaan. In Schotland staan meer dan honderd distilleerderijen van malt whisky’s. De malts kunnen worden verkocht onder de naam van de distilleerderij of ze maken deel uit van een blend. Een blend is een whisky, die dus bestaat uit meerdere malts. De Johnnie Walker-whisky’s zijn een voorbeeld van zo’n blended whisky. Hun Red Label bestaat uit meer dan veertig verschillende soorten malts. Voor de juiste samenstelling en dus de smaak van deze whisky is een master-blender verantwoordelijk. Op een van de locaties tijdens de Experience, de Glen Ord Distillery, ontmoeten de deelnemers Ian Grieve, master-blender.

Hij heeft een leuke opdracht voor de teams in petto. Tijdens een blending-game moeten ze proberen de combinatie van het Red Label te kraken of zo dicht mogelijk de blend te benaderen. Aan de ergste vijand zou je de meeste blends nog niet voorzetten, maar er zaten ook verdienstelijke brouwsels tussen. Mocht gedacht worden dat het blenden van whisky’s met de smaakpapillen gebeurd en dat een master-blender continu beschonken is? Fout. De neus is de samensteller van een blend. Door het ‘nosen’ weet de master-blender feilloos de juiste blend samen te stellen.

Sinds het Red Label in 1909 voor de eerste keer op de markt kwam, is de samenstelling van deze blended whisky niet veranderd. Behalve het fascinerende ‘nosen’ leerde Ian Grieve de deelnemers tal van andere zaken. Zo vertelde hij met niet onverholen trots dat alleen een whisky uit Schotland, de ‘e’ mag laten vervallen. ‘Zo is er dus Amerikaanse, Canadese en Ierse whiskey, maar Schotse whisky,’ verklaart Grieve.

Ook al bestaat een blended whisky uit verschillende malts, geen enkele wee dramm is hetzelfde. De basis van whisky of whiskey bestaat uit graan. Doordat de verschillende distilleerderijen ander graan gebruiken, verschilt ook de smaak. Maar er zijn ook andere factoren die van invloed zijn op het karakter van de whisky. Dat leren de deelnemers op de tweede locatie van de Experience. Plaats van handeling is het mooiste eiland van de Schotste Hebriden, the Isle of Skye. Hier staat Tallisker Distillery, waar de Tallisker malt vandaan komt. Ook deze malt is een belangrijk onderdeel van de Red Label-blend. Op het eiland worden de benodigde granen voor het whisky-procede gedroogd door een turfvuur. Dat geeft de gerst ook een bepaalde smaak.

De deelnemers hadden op Skye een ontmoeting met Bafty. Deze 68-jarige Schot brengt al meer dan vijftig jaar door met het steken van turf in de drassige weilanden van het eiland. Het viel de meeste deelnemers nogal tegen. ‘Dit turfsteken is verdomde zwaar,’ zucht Rowan Brink van het studententeam. ‘Wij deden het maar een uurtje, kan je nagaan als het vijftig jaar lang je werk is.’

Op twee locaties leerden de deelnemers verschillende aspecten van ‘the art of whisky’. Op de derde, in de buurt van Torridon, stonden de Schotse Hooglanden centraal. Hier, aan de noord-westkust maakten de deelnemers een onvergetelijke wandeltocht van acht uur door onherbergzame, maar prachtige natuur.

Cardhu Distillery was het decor voor de finale van de Experience. Deze locatie lag voor de hand, want de whisky uit deze distilleerderij vormt het hart van de Red Label. Winnaars van de Johnnie Walker Experience ‘95 zijn de broers Gijs en Joost Jordaan en mogen zich tot 2007 Keepers of the Cask noemen. Toch bleken de prestaties van de verschillende teams dicht bij elkaar te liggen.

De tweede plek werd gedeeld door twee teams. De barkeepers uit het Amsterdamse cafe Maarten, Jef Holland en Ramon Tulen, waren redelijk tevreden met hun tweede plaats. De twee studenten maakten nogal indruk om op de laatste dag in een volledige ‘Highland-dress’ te verschijnen. Met kilt en accent hielden zij de closing speech, hun evaluatie van de trip. ‘Het was goed,’ wil Jef Holland kwijt over de Experience.‘De opdrachten waren leerzaam, de natuur mooi en de Schotten aardig. Het is jammer van onze tweede plaats, want dat vat whisky was wel aantrekkelijk.’

Toch ziet het er naar uit dat ze ondanks hun tweede plaats toch kunnen meegenieten van de whisky. De winnaars van de Experience ‘95 hebben namelijk alle deelnemers uitgenodigd voor een reunie in 2007. We’ll be back, dus.

 

Sum - coolthinking.nl

Dit artikel verscheen eerder in Sum 07 – november 1995