IQ

De zwarte prins

Een Oscar voor zijn rol in Leaving Las Vegas, familieleven met vrouw en kind, macht en aanzien in Hollywood. De voormalige ‘outcast’ Nicolas Cage (34) heeft het allemaal. Maar in welke blockbuster hij ook speelt, de acteur weet zijn personage altijd een donkere kant mee te geven. Een interview over zijn nieuwste film Snake Eyes.

door Kel Koenen

‘Normaal zijn betekende je in allerlei bochten wringen om door de maatschappij te worden geaccepteerd’

Zijn wilde jaren liggen ver achter hem. Tijdens de middelbare school zat Cage vol opgekropte woede. ‘Omdat ik niet de juiste auto had, of omdat mijn liefde voor bepaalde meisjes niet werd beantwoord,’ zo verklaarde hij ooit die innerlijke boosheid aan een Amerikaans tijdschrift. Juist vanwege dat karakter lieten zijn leeftijdsgenoten hem altijd links liggen en vonden hem vreemd, weird. ‘Ik dacht gewoon dat ik deed wat iedere leeftijdsgenoot zou doen met dezelfde problemen. Maar de omgeving maakt dan wel duidelijk dat je anders bent. En op een gegeven moment accepteer je dat dan ook. Ik zag mezelf als een outsider en vertrouwde alleen mensen die zelf ook een soort outcast waren. Ik identificeerde me met outsiders die ik zag in films of in de boeken die ik las. Voor mij betekende normaal zijn dat je je in allerlei bochten moest wringen om door de maatschappij geaccepteerd te worden.’

Sindsdien is er het een en ander gebeurd met de acteur. Een Oscar, een gezin en macht in Hollywood. Hij is normaal geworden, met name in de ogen van de maatschappij. In 1991 schreef Cage een artikel voor Los Angeles Magazine. Het was een lang dagboekverhaal over een tocht van Los Angeles naar New Orleans. Een combinatie van Easy Rider en Jack Kerouac. Het artikel werd gepubliceerd toen Cage zijn wilde haren verloor en transformeerde in een ‘verstandige en kalmere’ acteur. Deze verandering heeft zijn vruchten afgeworpen en tegenwoordig zijn het goede jaren voor de acteur. Dat was een aantal jaren geleden nog wel anders. Zijn keuzes voor bepaalde rollen kunnen alleen maar worden verklaard door zijn drang te shockeren. Het maakte hem niet uit hoe. Hij verklaarde eens alleen maar een punk-rocker te willen zijn. Daarmee plaatste hij zichzelf vaak buiten de realiteit van de filmindustrie. Hij had niet de behoefte een enorme publiekstrekker te zijn als sommige acteurs van zijn. Cage was, zoals regisseur David Lynch het treffend uitdrukte: ‘Wild at heart and weird on top’.

Dat alles veranderde aan het begin van de jaren negentig. Nicolas Cage verbreedde z’n spectrum als acteur door een komedie-trilogie. Hij speelde achtereenvolgens in Honeymoon in Vegas, Guarding Tess en It Could Happen to You. De acteur opende met deze films de deur naar het grote publiek, maar artistiek had het nog niet zoveel om het lijf. Op dat vlak had hij in de jaren daarvoor al indruk gemaakt met Birdy van Alan Parker, Moonstruck van Norman Jewison of Wild at Heart van Lynch,

Zijn rauw-realistische optreden als alcoholist in het aangrijpende Leaving Las Vegas werd beloond met de hoogste filmprijs, de Oscar. Hierdoor kwam bij de studiobazen ook het vertrouwen in Cage als publiekstrekker in grootschalige actiefilms. En opnieuw maakt hij een trilogie, maar nu in het actiegenre: The Rock, Con Air en Face/Off. Sean Connery, zijn tegenspeler in The Rock, gaf hem advies over de Oscar. ‘Hij zei dat ik die hele Oscar maar beter kon vergeten,’ herinnert Cage zich. ‘Hij bedoelde daarmee dat ik niet op mijn lauweren moest rusten of denken dat ik het al had gemaakt. Juist met zo’n beeldje op zak, wordt je drie keer zo snel afgemaakt met een slechte film.’ Het advies van de eminence grise was welgemeend, maar eigenlijk overbodig. De ‘nieuwe’ Cage had voor zichzelf al een plan de campagne opgesteld. Anders dan voorheen realiseert hij zich dondersgoed dat wanneer een acteur een rol in een grote film wil krijgen, hij in ieder geval voldoende boxoffice-aantrekkingskracht moet bezitten. ‘Ik begreep dat ik films moest maken die massa’s mensen naar de bioscoop lokken, terwijl ik daarnaast dan de speciale projecten kan doen. Kleine films met aantrekkelijke karakterrollen als in Leaving Las Vegas, bijvoorbeeld.’ Maar de acteur ziet het spelen in films met grote budgetten niet als een knieval voor zijn acteerprestaties. Zijn grote voorbeeld is wat dat betreft Harrison Ford, die hij de ‘meest interessante acteur binnen het genre’ noemt. ‘Binnen de context van de actie is er vaak toch voldoende gelegenheid om een personage uit te diepen.’

De actie-trilogie van Cage werd gevolgd door het romantische fabeltje City of Angels en in november verschijnt in Nederland zijn nieuwste film, Snake Eyes., een intelligente thriller van regisseur Brian DePalma. Een bijzondere film, want het hele verhaal voltrekt zich realtime binnen de twee uur die de film duurt. De film bevat dus geen flashbacks of sprongen in de tijd. Cage is Rick Santoro, een wat smoezelige rechercheur uit Atlantic City. Hij ziet na lange tijd weer een goede vriend van hem, die verantwoordelijk is voor de veiligheid van de bezoekende minister van Defensie. Tijdens een boksgala in één van de casino’s wordt de minister vermoord. Aan Nick de taak om de moord op te lossen. Cage werkte met veel plezier aan Snake Eyes. ‘Brian DePalma en ik lijken wel op elkaar,’ vertelt de acteur. ‘We zijn allebei nogal introvert en teruggetrokken. Maar als regisseur komt er bij hem enorm veel energie vrij en dat maakt het filmen tot een feest. Toen ik begon aan de opnames van Snake Eyes was ik nogal vermoeid vanwege City of Angels. Maar na het afwikkelen ervan was ik heel relaxed. Dat wil wat zeggen. DePalma is een intuïtieve regisseur. Hij voelt perfect aan hoe de acteur zich voelt met betrekking tot de energie van de acteurs en wanneer de acteur piekt.’

Hoewel zijn personage een notoire gokker is, doen kansspelen de acteur helemaal niets. ‘Ik gok bijna nooit in een casino. Volgens mij neem ik al voldoende risico’s in m’n werk. Nee, ik vind geld verliezen door op rood of zwart te wedden niet bepaald amusant.’ Waarom gokt de acteur Cage dan zo vaak met zijn keuzes voor bepaalde films? ‘Dat kan ik niet helpen. Dat heeft ook allemaal met m’n persoonlijke smaak te maken. Ik vind het waanzinnig interessant om te kijken naar het materiaal en vervolgens te kijken wat ik er allemaal mee kan doen.’

Zijn filosofie is dus een simpele. ‘Ik heb altijd gedacht dat er twee soorten film zijn. De kleinere, vaak wat poetische producties, en de big budget escapistische films. Ik vind het prettig om in beide te werken en benader de een ook niet met meer intellect dan de ander.’

Het is een no-nonsense aanpak, die doorwerkt in zijn benadering van de industrie. ‘Het is leuk om te acteren en dat heb ik ook altijd al willen doen. De hele hoela-hoep erom heen hoeft voor mij niet zo nodig. Soms is het leuk en handig om beroemd te zijn, maar de ultieme voldoening komt door mijn werk. As simple as that.’ En werken is wat hij blijft doen, de ene film na de andere. Maar soms neemt hij tijd voor zijn gezin. ‘Na Snake Eyes heb ik acht maanden vrij genomen, gewoon om de batterij een beetje op te laden. Wat ik dan doe? Ik houd van lezen of televisiekijken. Al dat soort mondaine bezighouden. Daar kan ik echt uren mee bezig zijn. Als ik niet met opnames bezig ben, doe ik veel met mijn eigen productiemaatschappij, Saturn Pictures. Ik kom mijn dagen wel door.’

Cage is getrouwd met de actrice Patricia Arquette die, in tegenstelling tot haar echtgenoot, niet zo heel vaak meer te zien is op het witte doek. Zij heeft zich volledig gestort op de opvoeding van hun zesjarige zoontje. Cage zou het wel zien zitten om met zijn vrouw in één film te spelen. ‘Het lijkt me fantastisch om eens samen te werken met Patricia. Ik schat haar talenten heel hoog in en het lijkt me heel bijzonder. Er zou wel een zekere competitie zijn tussen ons zijn, maar dat is alleen maar spannend.’

De aanvankelijke minpunten van Cage als acteur blijken nu trouwens in zijn voordeel te werken. Iedere rol die hij speelt, geeft hij iets mee, waardoor zelfs de meest oppervlakkige personages iets gelaagds krijgen. Vanwege zijn niet vanzelfsprekende aantrekkelijkheid krijgen zijn personages iets veel belangrijkers en nog verleidelijker. Cage geeft de rollen een aura van gevoeligheid en afstandelijkheid. De acteur begint te lachen bij de confrontatie. ‘Mijn hoofd heeft een vreemde vorm en mijn oren zijn te groot. Dat is altijd al zo geweest. Ik heb mezelf ook nooit gezien als aantrekkelijk. Maar dat gaf me wel de kans om karakterrollen te kunnen spelen. Ik ben dus nooit getypcast als de aanvoerder van het basketballteam. Mensen die enorm aantrekkelijk zijn, moeten ook weer vechten tegen allerlei vooroordelen. Ik heb me wel altijd prettig gevoeld met mijn uiterlijk.’

Van jongs af aan was Nicolas Cage altijd al bezig met acteren. ‘Sterker nog, ik was altijd eigenwijs en vol zelfvertrouwen over het feit dat ik me een acteur voelde, zelfs al toen ik nog niet werkte.’ Toen hij 15 jaar was, confronteerde hij zijn oom – de regisseur Francis Ford Coppola – ermee. ‘Ik zat met hem in de auto en hij vertelde dat hij tevergeefs probeerde om acteurs te casten voor The Escape Artist. Toen zei ik hem: Geef mij een screentest en ik laat je zien wat acteren is. De stilte was enorm en ik kreeg geen test.’ Sindsdien is er wel het een en ander verandert, maar met Coppola heeft Cage nog geen film gemaakt. Of dat ooit gebeurt? ‘Ik praat nooit over de industrie met mijn oom. Hij is familie en ik zie hem vaak genoeg, maar dan hebben we het over allerlei andere zaken. Ik wil best nog wel een keer iets met hem doen, maar laat het verder aan hem over. Als hij me in een film wil hebben, dan hoor ik het wel.’

De allereerste rol speelt hij in een pilot van een televisie-serie The Best of Times. De serie werd nooit uitgezonden en de pilot verdween in de kast. In de film Fast Times at Ridgemont High krijgt hij een kleine rol en daarna verandert hij zijn naam van Coppola in Cage. Hoewel zijn familie niet blij is met de naamsverandering, heeft Cage er alleen maar baat bij. ‘Ik liep met de naam Coppola alleen maar op tegen een muur van vooroordelen en misplaatste verwachtigen.’ Zijn eerste hoofdrol was in de tienerfilm Valley Girl. In deze en in zijn volgende films geeft hij zijn personages altijd iets bijzonders. Een zachte stem, vreemde maniertjes of andere afwijkingen. Vervolgens laat hij zijn personage altijd vechten om normaal te worden gevonden. Wanneer het werkt, zijn het levendige figuren. En soms als het kunstje mislukt, is Cage het slachtoffer van zijn eigen trots. Maar saai zijn de rollen nooit. Over waar hij nu staat is de acteur vrij duidelijk. ‘Natuurlijk heb ik binnen de filmindustrie nu veel meer macht dan aan het begin van mijn carrière. Het is makkelijker om films door het systeem te krijgen en om aan scenario’s te komen. Absoluut.’ Die macht in Hollywood komt tot uitdrukking op dat hij genoemd wordt voor de titelrol in de langverwachte remake van Superman. De machtigste man in het universum. De vriendelijke glimlach verdwijnt en de mond van de acteur wordt een smal streepje. ‘Met alle respect, maar de film Superman is voor mij verleden tijd,’ klinkt het ijskoud. Pardon? ‘Die film is definitief van de baan, dus ik vind het gewoon niet prettig om er over te praten.’ Daags na dit interview werd bekend dat Cage een killfee van bijna vijftien miljoen dollar heeft ontvangen omdat de film geannuleerd is door de studio.

In ieder geval is Cage op dit moment in zijn carrière belandt op een plek waar hij in 1991 de keuze maakte om te willen zijn. Hij speelde in de vier belangrijkste categoriën van de filmindustrie: actie, romantiek, komedie en arthouse. Daarnaast zit hij in de eredivisie qua salariëring en is al in het bezit van één Oscar. Zijn antwoord op de vraag wat hij verder wil, is Cage ten voeten uit. ‘Het is een kwestie van surfen. Kijken naar de mogelijkheden en dan kiezen. Het maakt niet uit wat, als het maar de juiste keuze is. Dat is wat ik altijd wilde, dus nu kan ik misschien gaan dansen. Dansen op het surfboard, zonder shirt.’

“IQ

Dit artikel verscheen eerder in IQ 09 – november 1998